Brandstichtingen

Basisschool De Houthoeffe aan de Kreeft brandde tijdens de jaarwisseling volledig af (schade: 1,5 miljoen gulden). De brandweer kon ternauwernood voorkomen dat de naastgelegen school De Ark in vlammen opging. Diezelfde nacht werd er via de brievenbus vuurwerk in basisschool De Kring aan het Burchtpad geworpen, maar het vuur doofde vanzelf.

Op Nieuwjaarsdag zag een oplettende buurtbewoner dat jongeren brandend materiaal door een kapot raam van ’t Schrijverke wierpen en wist door kordaat optreden het vuur in bedwang te houden totdat de brandweer arriveerde. Hierdoor bleef de schade aan het gebouw beperkt.

Op donderdag 2 januari was het de beurt aan de leegstaande, houten noodgebouwen van het Jacob van Liesveldt: die brandden tot de grond toe af. De brandweer kon niet anders doen dan ze gecontroleerd te laten uitbranden en de naastgelegen gebouwen te beschermen.

Op vrijdag 3 januari werden in de hal van de flat Landzicht aan de Parnassialaan drie brommers in brand gestoken, met als gevolg dat alle telefoonverbindingen en de elektriciteit uitvielen, de hal uitbrandde, en een deel van de bewoners geëvacueerd moest worden. Op zondag 5 januari werd tenslotte een woning aan de Harp in de as gelegd. De politie vermoedde dat het ook hier om brandstichting ging, voorafgegaan door een inbraak.

Onrust in de Harp (1)

Op donderdag 29 juni werd een jongen die zonder helm op een onverzekerde brommer door De Harp reed, ‘onnodig hard’ door de politie opgepakt. Toen buurtbewoners zich ermee gingen bemoeien, ontstond een vechtpartij, waarbij de politie met getrokken pistolen vier mensen arresteerde. Een week later werd er een gesprek door de burgemeester Van der Jagt georganiseerd om de verhoudingen tussen de buurt en de politie te normaliseren.