Asielzoekerscentrum (2)

Op zaterdag 11 december was er een open dag op de Tais. Tijdens de inleiding vertelde directeur Jack Burger de bezoekers dat het schip te vergelijken was met een klein dorp. ,,Dat betekent dat alles wat in een normaal dorp voorkomt, ook hier gebeurt’’, legde hij uit. ,,Er worden vriendschappen gesloten en mensen maken ruzie. Er worden kinderen geboren, de eerste vrouw is inmiddels bevallen, en er zullen misschien mensen overlijden’’. De kleine incidenten, zoals vechtpartijen en diefstal moeten volgens hem ook in dat licht worden gezien.

Asielzoekerscentrum

In de Beatrixhaven in Werkendam lag het drijvende hotelschip Tais. De Centrale Opvang Asielzoekers (COA) besloot het schip in Hellevoetsluis te laten afmeren en er 325 asielzoekers in onder te brengen. Er was overleg geweest tussen de gemeente en het ministerie van Welzijn, Volksgezondheid en Cultuur. De plannen lekten uit vlak voordat ze algemeen bekend gemaakt zouden worden in de vergadering van de Commissie Algemene Bestuurlijke Zaken en leidden tot een storm van protest. De gemeenteraad besloot het verzoek in te willigen en wilde misschien ook wel langer onderdak verzorgen dan tot 1 april 1994.

Het asielzoekersschip Tais kwam op 22 oktober aan. Het bood werkgelegenheid aan 25 personeelsleden: koks, technici, maatschappelijk werkers, cultureel medewerkers en groepsleiders. De eerste asielzoekers arriveerden begin november. De meerderheid was man, de gemiddelde leeftijd 24 jaar. Ook bood het schip onderdak aan enkele gezinnen.

De mening van de gemiddelde Hellevoeter was wisselend. ‘Ik heb niets tegen die mensen’, bleef een veel gehoorde opmerking rond de komst van de asielzoekers, meestal gevolgd door: ‘maar ik denk dat er gedonder van komt’. Toch was ook een groot deel van de bewoners voor: “Ik ben er beslist voor. Die mensen moeten toch opgevangen worden?” en “Ik vind het prima, al was het alleen maar voor de werkgelegenheid die het met zich meebrengt”. Het asielschip bleef echter met argusogen bekeken worden.